Jaaroverzicht 2019

Hoe vat je een loopjaar samen waarin je boven jezelf uitstijgt maar je ook jezelf verschrikkelijk in de weg zit? Waarin het aantal DNF‘s toeneemt, je een half jaar lang in de greep bent van een medische misser en je leert dat andermans veiligheid prioriteit kan hebben boven je eigen overlevingsinstinct? Ook een jaar waarin je veel nieuwe mensen leert kennen, oude bekenden beter leert waarderen en je enorm veel inzicht in en respect voor je eigen lichaam krijgt. Het eerste woord dat bij me opkomt, is ‘uitputtend’, kort daarop gevolgd door ‘verrijkend’. Gaan die twee samen?

Terugblik op 2018

Het jaar 2018 was zo succesvol dat ik eigenlijk al met een achterstand aan 2019 begon. Tenminste, als ik van plan was om de cijfers te verbeteren. Niet alleen kwantitatief (verder, langer, hoger), maar ook kwalitatief (mooier, socialer, rijker). Maar ja, hoe overtref je een jaar met daarin Duinhopper, Legends Trail, Helipad, PGTA, Zugspitz, Courmayeur, UPNL, PSR, Great Escape, FCDTA, LEO180 en Bello Gallico? Nou, door het nog eens dunnetjes over te doen, aangevuld met social trails en zoveel ultra’s als je fysiek aan denkt te kunnen. Klinkt ambitieus? Is het ook. Achteraf zal blijken dat de ambitie niet fysiek te veel werd, maar juist mentaal.

Doel voor 2019

Wat waren ook alweer mijn doelen voor 2019? In Jaaroverzicht 2018 lees ik het volgende terug: twee ultra’s per maand (1 kort, 1 lang), twee grote uitdagingen (Duinhopper en Ronda dels Cims), geen minimum aantal kilometers, meer ongeorganiseerde tochten. Tot slot meer verslagen en artikelen, maar van beknoptere aard.

Planning en verloop

Zelden een jaar zo grondig vantevoren gepland als 2019. Moest ook wel vanwege de gestelde doelen. Het jaar rustig beginnen met twee ultra’s per maand, opbouwen naar de TransPeneda-Geres Fool’s Edition in maart gevolgd door april met de PGTA en het Helipad. In mei wat rustiger aan, dan drie topmaanden met de Duinhopper, Ronda dels Cims en Summer Legends. Tijdens september en oktober twee meerdaagsen (PSR en FCDTA), LEO180 in november en een honderdmijler (Bello Gallico of UPNL) om het jaar af te sluiten. Doordeweeks hooguit twee trainingen, in de weekends zonder evenement op eigen gelegenheid de natuur in.

Januari

Het jaar begint goed. Tijdens de RunForestRun Drents Friese Wold (45 km) leer ik Jantine kennen, iemand met wie ik nog vele avonturen ga beleven in 2019. Een week later is het tijd voor mijn eerste social trail, Hilversum – Ede (100 km). Jaco en ik lopen hem helemaal. De week daarop nog een social trail (50 km), georganiseerd door Martino en Jozef, dit keer in de Ardennen. Ik sluit de maand af met ruim 300 km in dik 35 uur. Een pak minder dan vorig jaar, maar dat was ook de bedoeling. Het eerste pijntje heeft zich echter al aangediend: lichte plantaire fasciitis rechts die zich vreemd genoeg manifesteert bij de bal van mijn voet in plaats van bij de hiel. Voelt meer als druk dan echte pijn.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Februari

Februari opent met de South Devon Coastal Ultra (50 km), een prachtige tocht in het gezelschap van Linda en Jeremy, mijn teammaat tijdens de PSR in 2018. Twee weken later een weekend in de Ardennen met Linda, Pim en Ilje voor La Magnetoise (60 km). Eind februari nog een social trail, namelijk Run the Parks (100 km) van Ron. De hele tocht van 16 uur in gezelschap van Rich gelopen. Het pijntje van januari los ik op door rechts iets minder op de midden- en voorvoet te landen dan links. Vereist wat extra focus maar het verschil is minimaal genoeg om niet mijn lichaamsbalans tijdens het lopen te verstoren. Met een kleine 300 km in ruim 37 uur niet slecht voor zo’n korte maand.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Maart

Tijdens de TransPeneda-Geres Fool’s Edition (180 km in 4 dagen) gaat het helemaal mis. De eerste twee dagen is er niks aan de hand, maar de derde dag halveert een plaag van dennenprocessierupsen mijn toch al absurd lage bloeddruk. Linda’s tweede poging tot 100 km (de eerste was de Gran Trail Courmayeur het jaar ervoor) mislukt omdat ik als een zombie over de paden zwalk. Gelukkig hebben we Carlos bij ons, ondersteund door familie, vrienden en een lokale burgemeester. Een week later loop ik alweer de Salland Trail (80 km) en leer ik Peter voor het eerst kennen. Mijn tweede social trail, Rondje Amersfoort (55 km), is het weekend daarna; tevens Sandra‘s eerste ultra. Ik sluit de maand af met de Hard’Aisne Durbuy Trail (55 km) samen met Pim en Linda. In totaal 365 km en ruim 51 uur onderweg.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

April

Tijdens Ridders van Kuinre (50 km) begin april, samen met Sandra en Ralph, heb ik last van een pijnlijke plek op mijn linkervoet, net boven het grote teengewricht. De oplossing is bredere schoenen dan mijn favoriete Speedcross Vario 2. Gelukkig heb ik nog een paar setjes Speedcross 4 Wide over van de Legends Trail. De eerste twee etappes van de PGTA (300 km in 7 dagen) loop ik ook op deze schoenen, inclusief Linda’s eerste 100 km, maar in Portugal mis ik de verticale grip die de Vario 2 mij op stenige ondergrond geeft. Het Helipad (166 km), een week later, loop ik wel weer op Speedcross 4 en het lijkt te werken: ik heb steeds minder last van de pijnlijke bult. Heerlijk trouwens om eens een keer langdurig met de Vermeulens op pad te zijn. Topmaand met 557 km in een kleine 80 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Mei

In mei doe ik zoals gepland iets rustiger aan. Tijdens Limburg Loopt Lekker (100 km) leer ik Martin en Robert beter kennen. De week daarop vliegen Linda, Pim en ik naar Roemenië voor de Transylvania (100 km). Helaas wordt deze ingekort wegens slecht weer. Toch hebben we een geweldig weekend en kom ik Frank voor het eerst tegen. De rest van de maand neem ik flink gas terug. Immers, mijn eerste grote uitdaging staat op stapel. Resultaat deze maand is 265 km in ruim 36 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Juni

Begin juni slaat het noodlot toe. Wegens een kaakinfectie moet ik direct aan de breed-spectrum antibiotica, vijf dagen voor de Duinhopper (370 km). Door sterke bijwerkingen en overgevoeligheid voor schimmels (amoxicilline is een penicilline-derivaat), is de tocht van Vlissingen naar Hoek van Holland geen pretje, ondanks gezelschap van Mike. Toch start ik een week later weer vanaf Hoek van Holland, vastbesloten om de tocht dan maar in twee etappes te lopen. Ik strand bij Wassenaar en verdrink bijna tijdens een slaappauze. Twee weken later worstel ik tijdens de Veluwezoomtrail (60 km) met hardnekkige kramp, zowel in kuit als scheenbeen. Halverwege Another One Bites The Dust (160 km) houdt mijn lichaam ermee op: teveel gevraagd de afgelopen maand. Koorts, onderkoeling, oververhitting, kramp en black-outs, duidelijke signalen dat het even genoeg is geweest. Tijdens het bijkomen leer ik Christine kennen en heb ik de grootste lol met Marek en beide Wims. Ondanks alle tegenslagen toch nog een goede maand met 377 km in krap 48 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Juli

Het absolute dieptepunt bereik ik in juli. De VechtdalTrail (50 km) gaat nog net, maar gezien de korte afstand en het relatief makkelijke terrein, mag dat geen verrassing zijn. Echter, de slechte staat waarin ik over de finish kom, luidt een enorme alarmbel. De Ronda dels Cims (170 km), twee weken later, herinnert mij er fijntjes aan dat het zinloos is te starten in Andorra terwijl je niet 100% fit bent. De prologen gaan nog, maar tijdens het evenement spelen darmen en maag zo’n bepalende rol dat ik na 20 uur de handdoek in de ring gooi. De rest van juli gebruik ik om uit te huilen. Niet al te beste maand met 214 km in bijna 45 uur. Enige lichtpuntje is dat ik Ingerlise, Wim en Neil (beter) leer kennen.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Augustus

De geplande Summer Legends (250 km) laat ik schieten. Geen kans in mijn huidige fysieke staat. In plaats daarvan organiseer ik half augustus de AAA Social Trail (170 km). Het wordt Jantines eerste 100 km en mijn eerste lange tocht sinds juni zonder braken en/of diarree. Als kers op de taart lekker lang samengelopen met Jan, Peter en Jaco. Alleen jammer dat ik last heb van compartimentsyndroom in mijn linkerscheenbeen. Gelukkig staat de PSR voor de deur: in mijn ervaring loop ik in de bergen de meeste pijntjes er wel uit. Opnieuw geen beste maand met 233 km in een kleine 30 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

September

Lang naar uitgekeken, de PSR (240 km in 7 dagen) met Linda als teammaat. Voor haar een enorme uitdaging, voor mij een weerzien met vele bekenden waaronder Ron, Mike, Michael, Natura, Jordi, Tomas, João, Steve en Carlos. Ook nieuwe mensen leren kennen zoals Tyler, Melissa en Greg. Fysiek knap ik er zo van op dat ik de Great Escape (165 km) met vertrouwen tegemoet zie. Meer dan de helft loop ik samen met Christine, maar na 90 km scheiden onze wegen zich. De kater waarmee ik de tocht uitloop, zet me aan het denken. Gelukkig trekt Elsa me de finish over. De maand wordt afgesloten met de Apeldoorn-Arnhem Social Trail (68 km). Bij de AAA Social Trail kwam dit stuk er niet van, zonde om het ongebruikt te laten. Leuk om Jan Peter en Hein voor het eerst te ontmoeten, geweldig om een stuk op te trekken met Martin, Sander, Jaco, Jan, Peter, Jantine en Sandra. Eindelijk ook weer eens een goede maand met 500 km in 94 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Oktober

Oktober begint met een weekje vakantie in de vorm van de Foz Côa Douro Trail Adventure (200 km in 7 dagen). Heerlijk om weer terug te zijn in Portugal, omringd door onze lokale familie. Ook een prettig weerzien met Liz en Garrad, Stefan en Svenja, Gerson, Antoine, Judit, Olivier, Wilma, Thiago en Norberto, Quim, Gillian en natuurlijk Luís. De week daarop is het tijd voor revanche op de Indian Summer Ultra (120 km). Ik loop hem succesvol uit, maar ga ouderwets kapot en mijn zelfvertrouwen krijgt een flinke dreun. Het laatste weekend ben ik samen met Peter bezem tijdens de Duinentrail Schoorl. Respectabele maand met 370 km in 46 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

November

Tegen beter weten in start ik de LEO180 (210 km). Mike’s gezelschap en het ontspannen Brabantse sfeertje bezorgen me een geweldige dag. Zelfs het verdriet van mijn ingeslapen huisdier krijgt een plekje tijdens deze tocht. Door fysieke problemen kom ik niet verder dan 130 km, maar het zit me minder dwars dan ik verwacht. Twee weken later trek ik met een groep collega’s naar de Ardennen. We wandelen door de pareltjes van de Ardennen, o.a. Coo, Ninglinspo en Le Hérou. De week daarop neemt Jantine gepast revanche op haar eerste 100 km door hetzelfde traject tijdens de Amersfoort-Arnhem Social Trail (100 km) nog eens te lopen. Maar nu twee uur sneller en fris als een hoentje bij de finish. Op de valreep loop ik samen met Pim en Ilje nog de Ibiza Ultra Trail (85 km). Dat brengt november op 387 km in 56 uur.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

December

December staat in het teken van de Bello Gallico (160 km). Samen met Christine revancheren op de Great Escape. Helaas loopt het totaal anders dan we ons wensten: na 110 km is het voorbij. Geen zin en/of behoefte om solo door te lopen. Wel nog een week lang slapeloze nachten over wat er voorviel. Gelukkig biedt The DICE (70 km) de week daarop welkome afleiding. De sfeer en aanwezigen bevrijden me uit een diep, donker dal waarvan ik amper door had dat ik erin zat. De laatste week van december zit stampvol: eerst met Linda naar de Ninglinspo, dan voorlopen bij RopaTrail Amerongse Berg en uiteindelijk de Veluwe Trailrun Hierden (53 km) social van Jan. Met 321 km in ruim 44 uur is het nog een mooie maand geworden.

previous arrow
next arrow
Full screenExit full screen
Slider

Cijfers per maand

Activiteiten per afstand per maand


Dieptepunten

Hoewel 2019 een aaneenschakeling was van diepte- en hoogtepunten, zijn het niet de individuele momenten waarin het slecht ging met mij of anderen, die ik wil nomineren. Okee, als een zombie over het pad zwalken tijdens de TransPeneda-Geres Fool’s Edition is niet fijn, maar ik kan me er nauwelijks wat van herinneren. De Duinhopper lopen met diarree en andere antibiotica-bijwerkingen was geen pretje, maar ik heb nog nooit zoveel over mijn eigen lijf geleerd. Heftige kramp tijdens de Veluwezoomtrail, koorts en black-outs bij Another One Bites The Dust, fysieke zwakte tijdens de Ronda dels Cims en de Indian Summer Ultra en verdriet plus maagproblemen bij de LEO180. Stuk voor stuk klote-ervaringen, maar daarom niet minder waardevol. Zelfs de Bello Gallico, waar ik vreesde voor Christine’s leven, kan ik niet oprecht een dieptepunt noemen. Het was verschrikkelijk om mee te moeten maken en het hoeft van mij niet nog een keer. Tegelijkertijd is het zo rauw, zo echt, zo verstoken van de dagelijkse nep en namaak, dat het niet anders kan dan een diepe indruk maken en daarmee van onschatbare waarde zijn.

Is er over heel 2019 dan geen enkel dieptepunt te vinden? Ja zeker wel. Het is echter geen momentopname, geen specifieke gebeurtenis, maar de staat waarin ik me op dit moment bevind. Ik ben namelijk kapot. Doodop! Nee, ik heb het niet over mijn fysieke staat. Op enkele naweeën van het antibiotica-avontuur na, ben ik lichamelijk alweer bijna op het niveau van net voor de Duinhopper. Topfit, zeg maar. Mentaal is het een heel ander verhaal. Ik heb mezelf dit jaar ontzettend veel druk bezorgd door over elke ultra een verslag te willen schrijven. Met twee stuks per maand gaat dat nog net, maar als je er elke week eentje loopt, ben je al je vrije tijd kwijt aan lopen en schrijven. Dwangmatig als ik ben, kon ik er niet mee stoppen toen ik halverwege het jaar uitvogelde waarom ik me zo gestrest voelde en zo slecht sliep. Perfectionisme liet weer niet toe om de verslagen af te raffelen; door herbeleving van de tochten om ze goed op papier te krijgen, onderging ik een hoop narigheid voor een tweede keer. Afijn, je snapt het. In plaats van plezier te hebben in het schrijven, verwerd het tot een verplichting en uiteindelijk zelfs een kwelling.

De tweede reden dat ik mentaal uitgeput ben, is het gebrek aan rust door het jaar heen. Rust als in goed slapen, maar ook de rust van een weekend niks doen. Of toch in ieder geval niet voor de zoveelste keer in een hotelkamer wakker worden en je afvragen waar je nu in hemelsnaam weer bent. Het gaat niet om fysieke rust, die had ik doordeweeks voldoende. Nee, het gaat om de rust waarin je ervaringen kunt verwerken. Waarin je een en ander op een rijtje kunt zetten. En er misschien zelfs wel een leuk stukje over kunt schrijven. Zonder de stress dat het voor volgend weekend klaar moet zijn omdat dan de volgende tocht alweer is. Nog een vorm van rust is iets totaal anders doen dan lopen of schrijven. Even de knop om, afgeleid worden door ongerelateerde onderwerpen. Ook die rust gunde ik mezelf niet. Dat breekt me nu op. Zo erg zelfs dat ik al een paar keer overwoog om te stoppen met lopen. Wat me vervolgens nog meer stress aanjoeg omdat ik er niet aan moest denken niet te lopen. Argh…

Hoogtepunten

De hoogtepunten van 2019 zijn niet op één hand te tellen. Zelfs niet op twee handen en twee voeten. Hoewel mijn persoonlijke uitdagingen mislukten, kwam ik er al snel achter dat andermans overwinningen me meer brachten. Vooropgesteld dat ik erbij was natuurlijk. Toen Linda haar eerste 100 km succesvol uitliep, gaf dat me meer voldoening dan ik ooit voelde bij de finish van een Duinhopper of een LEO180. Haar overwinningsbrul na de laatste PSR-etappe, doet me nog steeds de rillingen over mijn rug lopen. Geweldig om mee te maken dat Jantine tot twee keer toe een 100 km uitloopt of Sandra die in het jaar van haar eerste ultra ook nog even de Indian Summer Ultra 87 km wint. Of wat dacht je van Jan die in augustus van 35 naar 60 km gaat en niet eens moe lijkt? Of Ilje die op Ibiza een bovenmenselijke prestatie levert door te weigeren op te geven tijdens een zware 85 km trail? Of Christine die haar astma niet in de weg laat staan van deelname aan de Great Escape en Bello Gallico. Zoals je ziet, genoeg hoogtepunten om vingers en tenen tekort te komen.

Toch waren het niet deze hoogtepunten die een potentieel mislukt jaar omtoverden tot een succesvol jaar. Of toch in ieder geval een ‘rijk’ jaar. Het viel je misschien al op, maar het zijn natuurlijk de mensen aan wie deze eer toekomt. Nog nooit in één jaar tijd zoveel nieuwe mensen leren kennen, zoveel tijd doorgebracht met oude bekenden en zo mogen genieten van wat anderen presteerden. En dan heb ik het alleen nog maar over de lopers zelf. Ik heb minstens net zoveel genoten van contact met onze Portugese familie, met het komisch-sadistische duo Maarten en Marek, met de gortdroge Stef en Tim, maar ook met onvermoeibare organisatoren als Winfried, Johan, Bertus, Marc en Mark, Willem, Willem, Robin, Cor en Geraldine, Chris en vele anderen. Stuk voor stuk bijzondere, gedreven en vooral hartelijke mensen. Hart voor de natuur, hart voor hun sport, maar vooral hart voor hun medemens.

Er is nog een hoogtepuntje, maar ik voel me wat opgelaten om deze te noemen. Het begon vorig jaar nadat ik Dalen gepubliceerd had. Er kwamen opeens wildvreemde mensen op me af die me bedankten voor de tips waardoor ze nu wel met vertrouwen en plezier bergaf renden. Dat was een hele rare gewaarwording voor mij. Enerzijds ontzettend gaaf dat ik mensen had geholpen, anderzijds best eng dat mensen lezen wat ik schrijf en ernaar handelen. Immers, wat als ik er compleet naast zit? Stel je voor dat iemand mijn instructies nauwgezet volgt en vervolgens lelijk ten val komt? Dat wil ik niet op mijn geweten hebben. Gelukkig is dat, voor zover ik weet, nog niet gebeurd. Dit jaar werd ik in toenemende mate aangesproken door mensen die ik volgens mij nog nooit ontmoet had. Voorheen schaamde ik me kapot omdat ik kennelijk iemands naam of gezicht vergeten was, maar deze mensen herkenden mij van mijn schrijfsels. Steeds vaker hoor ik onderweg termen vallen als ultrashuffle, lopende ultraroker, kunst van het vertragen, bankje pakken, kom hier voor mijn rust, enzovoorts. Ik ben (nog) niet arrogant genoeg om te denken dat alles op mij slaat, maar gecombineerd met de voornamelijk positieve reacties op mijn verslagen, doet het me wel wat. In positieve zin. Ik weet me alleen niet altijd een houding te geven als je me aanspreekt, dus als ik wat terughoudend lijk, vat dat dan niet op als arrogantie of desinteresse, maar als verlegenheid of zelfs een stukje gêne. Stiekem vind ik het best leuk.

Lessen

Het voordeel van een bewogen loopjaar is dat je er veel lering uit kunt trekken. In dat opzicht stelde 2019 niet teleur. Sterker nog, het had van mij wel wat minder gemogen. Vorig jaar was het relatief simpel: luister naar je lichaam, let op je eten, slaap voldoende, ken jezelf en DNF’s zijn geen ramp. Redelijk voor de hand liggend, niet waar? Je zou het bijna saai kunnen noemen. Maar ja, wat wil je na een succesvol jaar? Het komt dan meer aan op finetunen dan op radicaal het roer omgooien.

Rust

In 2019 heb ik teveel gedaan. Of beter gezegd, teveel beleefd. Fysiek was het goed te doen, zelfs met dennenprocessierupsen en antibiotica, maar mentaal nam ik te weinig tijd om alles te verwerken. Je lichaam geeft veel sneller dan je geest aan dat er rust nodig is. Dat betekent echter niet dat je geest oneindig belastbaar is; er komt een moment dat je overloopt van herinneringen en ervaringen. De simpelste oplossing is een stap terug doen en de tijd nemen voor verwerking. Dat gaat vrij snel. Klootviool die ik ben, gunde ik mezelf dat niet. Immers, er was een planning, ik had afspraken gemaakt, er moest gelopen en geschreven worden. Vervelend dat je kop vol zit, maar dat is geen reden om middenin het jaar je beloftes te verbreken. Zo werkte ik mezelf aardig de vernieling in. Maar stoppen of zelfs maar een stapje terug? Hell no!

De les is simpel. Net zo goed als dat je lichaam een mate van belastbaarheid heeft (spieren, pezen, gewrichten, organen), heeft je geest dat ook. Je kunt er schijnbaar oneindig veel van vragen, maar er zijn wel degelijk grenzen. Als ik die grenzen niet respecteer, word ik moe. En chagrijnig, lamlendig, futloos, meer van die zeikerige eigenschappen. Het ergste is dat ik op ga zien tegen de volgende tocht. Rationeel weet ik dat tijdens en vlak na het lopen, mijn dag niet stuk kan, helemaal als ik omringd ben door gelijkgestemden. Maar de voorbereiding en de dagen, uren vlak voor een loop? Verschrikkelijk! Geef mijn portie maar aan fikkie. Gelukkig is de oplossing eenvoudiger en sneller dan het leren van de les, namelijk jezelf de tijd gunnen voor verwerking. Af en toe een stapje terug, dan maar een weekend niet op pad. Of doe eens iets totaal anders. Ga punniken, je handstand oefenen of lees in één ruk een goed boek uit.

Schrijven

Het idee was goed: schrijf meer maar korter. Met meer doel ik op frequenter. Ik heb in 2017 en 2018 een aantal tochten gelopen waar ik geen verslag van maakte. Baal ik nu nog van. Daarom in 2019 van elke ultraloop een verslag. Zoals gezegd, met twee per maand goed te doen, maar elke week in de pen klimmen werd een serieuze tijdsbesteding. Ik heb mijn uiterste best gedaan de verslagen niet aan kwaliteit in te laten boeten, maar ben me er terdege van bewust dat ze lang niet allemaal even interessant zijn. Vooral de kortere tochten waarbij alles goed gaat, missen wat pit. Is ook niet heel gek want op hoeveel verschillende manieren kun je nou schrijven dat je onderweg was, de omgeving er prachtig bij lag en de mensen zo leuk waren? Precies, die vijver is niet heel diep. De tochten waar het op een of andere manier fout ging of waar ik enorm moest afzien, zijn beter geslaagd en worden ook meer bezocht. Leedvermaak? Waar ik nog het meeste van baal, is dat ik niet ben toegekomen aan het schrijven van artikelen over het lopen zelf. Dus geen verslagen, maar stukjes als Dalen.

De les is wederom simpel. Schrijf alleen een verslag als de tocht bijzonder is of wanneer er iets bijzonders gebeurt. Stop meer tijd in artikelen over lopen op zand, klimmen, mindset, waarom, etc. Hou jezelf niet langer aan afspraken die niet alleen de kwaliteit van de schrijfsels in gevaar brengen, maar ook de lol in het schrijven dreigen weg te nemen. Met andere woorden, maak er weer een feestje van in plaats van zelf opgelegd huiswerk.

Flexibel

Les drie is tegelijkertijd een gevolg en een aanvulling op de eerste twee lessen. Ik ben namelijk behoorlijk dogmatisch in het uitvoeren van mijn voornemens. Nee echt, denk je nu wellicht. Deels is dat mijn manier om gedisciplineerd te blijven, ook als het moeilijk wordt. Of juist als het moeilijk wordt. Maar het heeft eveneens te maken met mijn inherente afkeer van verandering. Of specifieker, een angst voor en weerzin tegen het doorbreken van consistentie en routine. Ik ben bang dat wanneer ik stop een ingeslagen weg te volgen, er niks meer van terecht komt. Tegelijkertijd vind ik het zonde om de zorgvuldig opgebouwde regelmaat zomaar te onderbreken. Wat zijn dan een paar ongemakken als een vol hoofd, vermoeide geest en tegenzin om te gaan lopen? De trend voortzetten is toch veel belangrijker?

Duidelijke les: nee, de trend is niet belangrijker dan een fris hoofd en plezier in het lopen. Zoek maar een andere manier om gedisciplineerd te blijven. Of beter nog, word maar wat minder gedisciplineerd. Doe eens gek en zeg iets af. Of loop een week niet. Slik! Die laatste is nog een brug te ver. Sinds 2013 heb ik nog nooit een week niet gelopen, dat onderbreek ik niet zomaar. Misschien iets voor de toekomst om naar toe te werken. Maar serieus, gun jezelf wat meer ruimte en wees op zijn tijd flexibel. De wereld vergaat niet als je een keer een afspraak met jezelf niet nakomt. Probeer het eens en kijk of het positieve gevolgen heeft. Zo niet, kun je altijd nog lekker halsstarrig zijn.

Lichaam

Tijd voor een positieve les. Holy crap, wat is het menselijk lichaam een bijzondere en bijna onverwoestbare machine. Wat ik in 2019 van mijn lijf vroeg en zonder al te veel morren geleverd kreeg, verbaast me nog steeds. De meeste ultralopers weten wel dat je fysiek tot veel meer in staat bent dan wat maatschappij en medische wereld je willen doen geloven. Als het in de bovenkamer maar snor zit. Vandaar dat mensen zonder problemen de meest onvoorstelbare tochten uitlopen. Ik heb het niet over honderdmijlers, 24-uurs races of meer van dat gefrunnik. Nee, ik bedoel monstertochten als Tor des Geants, Euforia, PTL, Spine Race, Legends Trail, Yukon Arctic Ultra, Goldsteig, enzovoorts. Tochten waarbij niet alleen de afstand tegen het krankzinnige aanschurkt, maar ook het terrein en de weersomstandigheden. Ik gok dat meer dan 90% van de deelnemers doodnormale mensen zijn. Als in: geen topsporters die niks anders doen dan het hele jaar voor dat specifieke evenement trainen. Mensen met kinderen, fulltime baan, vrienden, huisdieren, hobby’s, sterke mindset en een gezond lijf.

Aan dat laatste schortte het bij mij wel eens dit jaar. Eerst een dennenprocessierups die mijn toch al lage bloeddruk nog eens halveerde, daarna een antibioticakuur waar ik overgevoelig voor bleek. Nou liep ik in 2019 niet bijzonder zware tochten, helemaal niet vergeleken met de eerder genoemde monsters. Toch kon ik ondanks flinke fysieke tegenvallers blijven lopen. Het ging niet altijd van harte en ik vroeg me regelmatig af of ik niet mijn lichaam de tijd moest geven goed te herstellen. Maar wat ik ook van mijn lijf vroeg, ik kreeg het. Was ik sneller hersteld als ik een paar maanden rust had genomen om van de antiobiotica-bijwerkingen af te komen? Misschien. Staat tegenover dat je flink inlevert qua kracht en duurvermogen. Als je de tijd meerekent om dat weer op te bouwen, ben je weer een paar maanden verder. Verschil met nu is dat ik door kon lopen en niet een half jaar op de bank heb zitten mokken. De les is dat je lichaam zelfs nog meer kan hebben dan waar ultralopers al op rekenen.


Cijfers

Het blijft een beetje droge kost, maar cijfers zijn voor mij interessant, zelfs van belang, in het analyseren en al dan niet bijsturen van trends. Ik heb inmiddels gelukkig geleerd niet op basis van cijfers te lopen, maar ze achteraf pas te gebruiken. Kleine uitzondering daarop was een eindsprint op hoogtemeters in december om boven de 100.000 te komen.

Cijfers per jaar

De trend van meer kilometers en langere duur in minder activiteiten, houdt aan. De jaren 2018 en 2019 zijn qua totaalcijfers redelijk gelijk. Grootste verschil is dat ik daar in 2018 meer dan 50 loopjes extra voor nodig had. Interessant is het lagere aantal calorieën, waarschijnlijk omdat ik vaker en langer onder mijn eigen tempo liep. Denk aan tochten met Linda, Jantine, Christine en anderen. Kijkend naar deze cijfers zit ik met een dubbel gevoel. Enerzijds is het mooi zo, anderzijds had ik met gemak een kwart meer kunnen doen qua afstand, tijd onderweg en hoogtemeters, als ik meer had uitgelopen. Dat ik daartoe wegens omstandigheden niet in staat was, neemt het dubbele gevoel niet weg.

Trail vs weg per jaar

Voor het eerst ook qua aantal een duidelijke doorslag naar de trails. Vooral omdat ik in de eerste helft van het jaar al minder vaak doordeweekse trainingen liep; in de tweede helft van schrapte ik ze vrijwel allemaal. De verhoudingen liegen er niet om: ik loop minder dan een tiende afstand en bijna een twintigste van de tijd op de weg versus de trails.

Gemiddelde per loop per jaar

Dit jaar weer een fractie trager dan vorig jaar. Daar zullen de vele socials en tochten met anderen wat mee te maken hebben. Het kan me niet zoveel schelen; als ik snel had willen zijn, had ik maar door moeten lopen. Maar ja, dan ben je weer veel te snel thuis. Waar ik wel blij van word, zijn de flink opgelopen gemiddelden qua afstand en tijd per loop. Met tien kilometer in anderhalf uur per loop erbij, lijk ik aardig te slagen in mijn opzet om meer tijd door te brengen in de natuur.

Gemiddelden per week/maand per jaar

Ook wel interessant. Met 1 loop per week, 4 per maand minder grofweg dezelfde gemiddelde afstand en exact dezelfde tijd onderweg. Nee, de laatste twee cellen van 2018 en 2019 zijn geen kopieerfoutje. Qua tijd zaten 2018 en 2019 bizar dicht bij elkaar: 5 minuten verschil.

Activiteiten per afstand per jaar

De trend van 2018 zet door. Nog minder loopjes tussen 0 en 19 km, maar ook de tochten tussen 20 en 39 km moet eraan geloven. De ultra’s daarentegen nemen fors toe, helemaal als je bedenkt dat vijf van de tochten tussen 40 en 49 km langer dan 45 waren. Volgens DUV kwalificeren die als ultra.


Conclusie

Niet gehaald wat ik voor ogen had, maar door de mensen die ik nieuw heb leren kennen en de bekenden die ik nog beter heb leren kennen, is dat geen ramp. Omgekeerd zou 2019 een veel minder ‘rijk’ en interessant jaar zijn geweest. Laat ik voor de volledigheid mijn doelen voor 2019 erbij pakken.

Twee ultra’s per maand

Dat is aardig gelukt. Met 32 ultra’s totaal (twintig keer 50+ km en twaalf keer 100+ km) zou je kunnen zeggen dat ik wat doorgeslagen ben in dit doel. Als ik DUV’s definitie van een ultra aanhoud (45+ km), kom ik zelfs op 37. De eerste helft van het jaar liep ik, op drie keer na, elk weekend een ultra. In maart en juli liep ik geen 100+ maar dat compenseerde ik in april en november met twee stuks. Maart was sowieso een rare maand: vijf keer boven de 50 km.

Twee grote uitdagingen

Mislukt. En hoe! De Duinhopper liep volledig in de soep door een antiobioticakuur, de Ronda dels Cims bewees eens te meer dat ik in de bergen nog steeds een lichtgewicht ben. Meerdaagsen in de Alpen en Pyreneeën zijn geen enkel probleem, maar langere tochten doen mij de das om. Toegegeven, ook tijdens de Ronda had ik nog flink last van antibioticabijwerkingen, maar als ik heel eerlijk ben, is dat maar een deel van het probleem. Wellicht ga ik het nog eens proberen, maar niet voordat er wezenlijk iets is veranderd. Wat? Geen idee, daar licht een schone taak om achter te komen.

Geen minimum aantal kilometers

Halverwege het jaar kwam ik erachter dat mijn 2018 doel van 4000 km voor 2019 was blijven staan in Strava. Tot die tijd totaal niet mee bezig geweest, maar er sindsdien een schuin oog op gehouden. Tegen het einde van het jaar zag ik dat de honderd verticale kilometers haalbaar waren als ik er een slinger aan gaf. Tja, daarmee moet ik dit doel toch als mislukt beschouwen. Toch nog teveel met cijfertjes bezig.

Meer ongeorganiseerde tochten

Gelukt, gelukt en nog eens gelukt! Als ik ergens trots op en blij mee ben, zijn het wel de vele social trails van 2019. Ongeacht of ze van mijn hand kwamen of door anderen ‘georganiseerd’ werden, stuk voor stuk waren het pareltjes van tochten. Ze verliepen lang niet allemaal vlekkeloos, maar de minpuntjes vielen in het niet bij de gezelligheid, kameraadschap en dankbaarheid die inherent zijn aan social trails.

Meer verslagen en artikelen

Half geslaagd, half mislukt. Het aantal verslagen is toegenomen, maar op een uitzondering na zijn ze niet veel beknopter geworden. Ik heb het echt geprobeerd maar kwam er al snel achter dat de kortere verslagen mat en levenloos voelden. Vergeet niet dat ik zelfs in de uitgebreidere verslagen zeker de helft weglaat van wat er onderweg gebeurt. Soms is het niet relevant genoeg of lastig om te verwoorden. Ook respecteer ik de wensen van andere lopers als ze iets niet vermeld willen hebben. Komt niet heel vaak voor. Regelmatig schrap ik hele passages waar ik uren aan gewerkt heb, simpelweg omdat ze de essentie van het verhaal in de weg zitten. Toch beschouw ik het niet beknopt kunnen houden van mijn verslagen niet zozeer als een mislukking. Wel dat ik niet de tijd had, of heb genomen, om artikelen te schrijven. Ik heb zoveel onderwerpen waar ik volgens mij best een leuk stukje over kan schrijven. Kijk maar naar Dalen, met stip het meest gelezen artikel op deze site.


Vooruitblik op 2020

In Jaaroverzicht 2018 schreef ik nog dat het nadeel van een goed jaar is dat je de neiging hebt het jaar daarop te willen verbeteren. Dat probleem ga ik in 2020 niet hebben. Ik wil terug naar de essentie: gelukkig zijn voor, tijdens en na een loop. Dus geen tegenzin tijdens het inpakken, geen geworstel met fysieke en/of mentale ongemakken en geen zelfopgelegde druk van een verslag moeten schrijven. Hoe ga ik dat bereiken? Door duidelijke doelen te formuleren en die het hele jaar na te streven. Tenzij ze me dwars gaan zitten, dan is het tijd voor een flexibele opstelling.

Doelen

In 2020 ga ik minder lopen, minder schrijven, minder vaak door de nacht heen, minder vaak wakker worden zonder een idee van waar ik ben en minder star vasthouden aan planningen. Minder lopen lijkt vrij makkelijk, gewoon wat vaker thuisblijven, maar ik moet een balans zien te vinden tussen rust en geluk. Mogelijke oplossing is doordeweeks toch wat vaker solo lopen om de mentale rust te hervinden. Minder schrijven betekent vooral minder vaak verslagen publiceren. Alleen als ik inschat dat het de moeite waard gaat zijn; daarnaast wat meer loopgerelateerde artikelen. Door de nacht heen lopen, gebeurt wat mij betreft niet komend jaar. Echter, met de TransPeneda-Geres (start om 0:00 uur) en Social UPNL op het programma, ontkom ik er niet helemaal aan. Wakker worden zonder een idee waar ik nou weer ben, wordt lastig. Minder vaak gebruik maken van hotels kan helpen, maar dan is vervoer weer een dingetje. Tot slot moet ik flexibel omgaan met planningen. Ja, ze zijn er voor een reden, maar koste wat het kost eraan vasthouden, levert alleen maar stress op.

Wat ga ik dan wel doen in 2020? Leuke dingen. Meerdaagsen, social trails, andere formats, nieuwe evenementen en meer van dat. Mijn hart blijkt echt bij meerdaagsen en social trails te liggen. Waarom? Omdat je veel beter in staat bent de mensen om je heen te leren kennen. Tijdens social trails blijf je bij elkaar en heb je een ander soort contact wanneer je wat gaat eten/drinken. Meerdaagsen of etappelopen trekken dat nog verder door. Na het lopen dineer je samen en hang je achteraf nog wat rond. Soms is er een ‘vrije’ dag waarbij je deel kunt nemen aan activiteiten die niks met lopen te maken hebben. Dan leer je elkaar toch in een andere setting kennen. Bij andere formats moet je denken aan wat Cor, Geraldine en Chris vorig jaar teweeg brachten met The DICE. Een heel nieuw concept waarbij de balans vinden tussen lopen en rusten van cruciaal belang is. Naast natuurlijk lol en gezelligheid. Met nieuwe evenementen bedoel ik georganiseerde lopen waar ik nog nooit eerder aan heb deelgenomen. Elk jaar terugkeren naar vertrouwde omgevingen heeft zijn voordelen, maar het wordt langzaamaan tijd eens verder te kijken. Ik heb al jaren een waslijst van tochten die ik graag wil lopen; misschien moet ik er maar eens werk van maken.

Planning

Voor 2020 ziet de planning er als volgt uit.

MaandGeplande tochten
JanuariTrail Tour Costa Vicentina 4-daagse 130 km
Februari* Run the Brewer 100 km
Dodemans Trail 5 x 21 km
Maart* Drente Xperience.24 (last man standing)
AprilPeneda Geres Trail Adventure 5-daagse 210 km (4e etappe TransPeneda-Geres 105 km)
MeiSocial UPNL 160 km
Juni* Flip the Coin
Juli
Augustus
September* Pyrenees Stage Run 7-daagse 240 km
* Grande Trail Serra d’Arga 3-daagse 75 km
Oktober* Foz Coa Douro Trail Adventure 7-daagse als vrijwilliger
November
December

Alles met een sterretje is nog onder voorbehoud. Ik zou dolgraag de PSR weer lopen, maar je hebt er wel een teammaat voor nodig. Grande Trail Serra d’Arga en Foz Coa Douro Trail Adventure vallen in een periode van 3 weken, dus waarschijnlijk wordt dat een lange vakantie in Portugal. Linda en ik overwegen om Serra d’Arga te lopen en als vrijwilliger mee te helpen in de Douro-vallei.

Zoals je ziet, heb ik voor een aantal maanden niks gepland staan. Dat is bewust. Ik stop niet met lopen, wel met mezelf druk opleggen door een overvolle planning. Social trails worden steeds populairder, zowel om aan mee te doen als om te organiseren. Kan me voorstellen dat ik daar meer te vinden ga zijn dan bij reguliere evenementen. En wie weet, misschien gaat het in de loop van het jaar weer kriebelen. Krijg ik zin om Summer Legends, Great Escape of LEO180 te lopen. Nu nog even niet.

Comments